Bijlage 3: Vier hefbomen
Vier 'hefbomen' moeten de biodiversiteit opkrikken. Elk van die hefbomen is gericht op
welbepaalde soorten of landschappen en is bemand door samenwerkingsverbanden tussen
doelgroepen die praktijkervaring hebben.
De hefboom "MIAS: Menselijke Infrastructuur en Industrie als sprinkplank voor soorten"
zoekt naar win-winresultaten voor zowel natuur en milieu als voor industrie met doelgroepen
die doorgaans minder betrokken zijn bij het natuurgebeuren, zoals beheerders van
verkeersinfrastructuren of vertegenwoordigers uit de industrie. Enerzijds kunnen goed beheerde
industriegronden, gebouwen of verkeersinfrastructuren voor héél wat planten- en diersoorten een
thuishaven zijn. Anderzijds kan een industriële site ook flink wat winnen bij een goed
doordacht beheer of verfraaiing van terreinen of gebouwen.
De hefboom "BoerENnatuur: Agrarische landschappen, thuishaven van vele soorten"zoekt
naar toenadering tussen landbouw en natuur. Ook hier wordt gezocht naar win-winresultaten. Zo
kunnen agrarische landschappen aan planten- en diersoorten weer een 'onderdak' bieden. En
versterkt het behoud van soorten of landschappen het groenimago van de landbouwsector.
De hefboom "SADER: Soorten aan de rand van ..." wil met lokale belangengroepen zoeken
naar win-winmogelijkheden in gebieden aan de rand van natuurgebieden ofop de overgang tussen
gemeenten, provincies of landen. Randzones zijn een kluwen van verschillende functies,
eigendomsituaties en administratieve of wettelijke bepalingen. In deze zones is de afstemming
op en het leren van elkaar van essentieel belang. Deze hefboom richt zich specifiek op het
beheer en herstel van bossen, bosranden, heide en schraalland.
De hefboom "BEEKDALEN: bron van diversiteit" focust op de blauwe slagaders waarlangs
watergebonden soorten zich door het landschap verplaatsen. Door hun veelzijdigheid aan
leefgebieden herbergen beekdalen bovendien heel wat typische, vaak zeldzame soorten. Omdat
beekdalen dikwijls eigendoms-, provinciegrens- of landgrensoverschrijdend zijn, vereist het
herstel zeker een integrale aanpak. Met pilootprojecten wordt getracht omliggende gebieden,
eigenaars en beheerders bij het geheel te betrekken.
Elke hefboom gaat op zoek naar nieuwe actoren, particulieren of bedrijven, en maakt hen warm
voor het werken aan biodiversiteit. Dat zal gebeuren via voorbeeldprojecten, terreinbezoeken en
vormingsmomenten.
Een horizontale hefboom bekommert zich om de organisatie van het SOLABIO-project en waakt
over de projectstructuur en -aanpak, de gezamenlijke monitoring- en evaluatieluien en de volledige
communicatie en public relations.
|